‘Uw rimpels vielen helemaal niet zo op!’

BNN De SchoolIk ben een van de bevoorrechte docenten die heeft mogen meewerken aan de documentaire De School van BNN en Submarine. In de aflevering van afgelopen dinsdag was ik te zien als docente Nederlands van Ellen, die kampt met haar dyslexie.

Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat ik in eerste instantie uit eigen belang voorstander was van de documentaire. Het onderwijs ligt met enige regelmaat onder vuur, er zou van alles aan mankeren en dan vooral aan het personeel dat af en toe werkt maar toch voornamelijk vakantie viert. Het was tijd om te laten zien hoe het er echt aan toe gaat.

Daar waar literatuur normaal mijn steun en toeverlaat is, laat het mij in de kwestie onderwijs echter in de steek. Vergeefs zocht ik naar een paar quotes om ons te verdedigen. Wanneer ik denk aan literaire werken waarin een docent een rol speelt, komen er diverse titels bij me naar boven. Suez kade, De buitenvrouw, Hajar en Daan enz. Maar deze verhalen zouden ons niet helpen. Eén titel springt er echter uit en dat is natuurlijk Bint van Bordewijk. ‘De Bree zijn denken is hoekig en nors.’, een prachtige zin die elke docent Nederlands paraat heeft. Bij de bespreking van dit boek in mijn havo 5, mijmerde ik dat het bij hem in de klas waarschijnlijk wel vijftig minuten stil was. Een gave waarop je als docent op stormachtige dagen jaloers zou kunnen zijn, ware het niet dat ik niet van angst, maar van participatie houd. De les is geslaagd wanneer mijn leerlingen, of in ieder geval één, een goede opmerking maakt, een bijdrage levert. Helaas niet te combineren met een ijzeren regime.

Dus als de literatuur het beeld van het onderwijs al niet opvijzelt, hoe kan ik dan verwachten dat de samenleving het wel doet. En toch ben ik dan verbaasd, wanneer ik voor het eerst in mijn leven strijd voor het goede doel; tegen de 1040-urennorm en het behoud van de zomervakantie, een tweet voorbij zie komen waarin staat: ‘Waarom staken jullie niet op zaterdag, nu zijn leerlingen de dupe.’ Negen van de tien zaterdagen ben ik aan het nakijken. Daarom!

Ik was dus voor de documentaire uit eigen belang. Ik wilde dat mensen zouden zien wat ons werk inhoudt. Niet omdat ik me miskend voel, niet omdat ik vind dat ik te weinig waardering krijg, maar omdat ik er tegenaan loop dat mensen onwetend zijn over ons werk en ondanks deze onwetendheid wel een duidelijke mening hebben.

Dat ik – met het instemmen van deelname aan deze documentaire – ook in beeld zou komen, had ik niet zo beseft. Het ging immers om de leerlingen, het leven van een puber op school. Wij docenten waren slechts figuranten was mijn gedachte. En zo is het in het echt natuurlijk ook! Ik had geen reserves, er was geen twijfel. Er was wel één drempel die ik over moest; ik moest mijn leerlingen uit handen geven.

Elk schooljaar is het weer een wonderbaarlijke ervaring. Je begint het jaar als vreemden voor elkaar. Soms heb je een paar leerlingen die je kent van een ander jaar, maar als groep zijn ze nieuw. Je moet wennen aan elkaar, je snuffelt wat. En dan ineens, zomaar op een doordeweekse dag, slaat de vonk over.  Ineens kijk ik naar ze en denk ik: ‘Wat zijn jullie toch lief!’ En vanaf dat moment zijn het mijn kinderen. Nu moest ik mijn kinderen tegen het einde van het schooljaar toevertrouwen aan onbekenden. Gelukkig bleek al snel dat de dames van BNN en Submarine, die de research deden, net zo begaan waren met de leerlingen als ik.

Rimpels water 2Mensen uit de onderwijswereld vinden het over het algemeen dapper en stoer dat we als docenten hebben meegewerkt. Dat we ons kwetsbaar hebben opgesteld door onze lespraktijk aan heel Nederland te laten zien. Zo heb ik het niet ervaren. Totdat ik mezelf op tv zag. Behoorlijk confronterend. Gelukkig zei een leerling van me de volgende dag: ‘U was heel leuk op tv. Uw rimpels vielen helemaal niet zo op.’ In welk werk krijg je nu zulke heerlijke complimenten!

Over de documentaire is al veel geschreven. ‘Camerabewustzijn’ is een term die ik daarbij veel voorbij heb zien komen. Hierop kan ik volmondig zeggen: ‘Die was er niet!’ Hoe is dat immers mogelijk met een klas vol enthousiaste kinderen. Iedereen die in het onderwijs werkt, weet dat lesgeven geen andere bezigheden duldt. Het ongeduldige publiek in het lokaal wacht op entertainment. De documentaire heeft laten zien wat er gebeurt wanneer het entertainment uit blijft, of erger nog, tegenvalt! Vliegtuigjes liggen gevouwen klaar, mobieltjes in de aanslag op schoot, in een etui of in zwetende handjes een tosti-ijzer staat op te warmen in de hoek. Je hebt een lesprogramma, een klas vol pubers en maar twee hersenhelften. Met 40 camera’s in lokalen, gangen en om school en verschillende leerlingen en docenten die dan weer wel en dan weer niet gezenderd waren, was het niet bij te houden. Je kon er niet bij stil staan. Ik deed mijn werk, zoals ik altijd mijn werk doe. Leerlingen zouden het ook niet pikken als je je ineens anders op zou stellen. Al werd ik wel aangesproken door een collega die zei mij niet te herkennen in wat ze zag op tv. In het echt was ik volgens haar niet zo lief. Tja, naar sommige collegae ben ik dat misschien ook niet…

In BNN zag ik dus een bondgenoot. En dat bleek terecht. Want ook al werd er van zes weken maal vijf dagen filmmateriaal een documentaire gemaakt van zes afleveringen van elk vijfenveertig minuten, het geeft een beeld van hoe het gaat. Ik denk dat na alle afleveringen duidelijk is dat het beroep van docent heel divers is, maar vooral heel erg leuk en dynamisch! Al had ik graag stiekem in een lokaal voor een camera mijn citatenboekje willen voorlezen, om de hilarische opmerkingen van mijn leerlingen te delen met de wereld. Maar voor die inside information zou men toch zelf in het onderwijs moeten gaan werken om zo een eigen boekje aan te kunnen leggen.

Over de blogger

Plaats een reactie

1 reactie

  1. Leuk stuk, Thirza!

    Nicole van Damme

    Beantwoorden

Andere blogposts

Pagina delen